Funderingsschade is in Nederland niet verzekerd. Verzekeraars dekken plotselinge en onvoorziene gebeurtenissen, en paalrot of een zettingsverschil is per definitie geleidelijk. Er is geen rampenpool, geen dekkingsplicht en geen onderzoeksplicht bij verkoop. Wat er wél is, is een lening: het Fonds Duurzaam Funderingsherstel, sinds 1 juli 2025 landelijk beschikbaar voor eigenaren die geen marktfinanciering krijgen.
Dat klinkt als een gegeven. Dat is het niet. In België is exact dezelfde schade — een woning die scheurt doordat een kleibodem uitdroogt — sinds 2021 wettelijk een natuurramp, en verzekeraars moeten die dekken. In Frankrijk zit kleikrimp al veertig jaar in het nationale rampenregime, inclusief een verplicht bodemonderzoek bij de verkoop van bouwgrond in risicogebied. In het Verenigd Koninkrijk is dekking voor bodemdaling al sinds de jaren zeventig een standaardonderdeel van de opstalpolis.
De Nederlandse uitzonderingspositie zit dus niet in het schadebeeld. Dat delen we met alle drie. Ze zit in de keuze om de rekening bij de eigenaar te laten liggen.
Dit artikel zet zeven landen naast elkaar, laat zien met wélk instrument ze het regelen, en vertaalt dat naar de vraag die er voor professionals in deze keten toe doet: wat betekent het als het risico niet collectief gedragen wordt, maar per pand moet worden aangetoond?
De aanleiding: een discussie van vijf regels
Op LinkedIn schreef ING-expert Marjolein de Jong-Knol een artikel over funderingsproblematiek als onderschat klimaatrisico. De kerncijfers zijn bekend: 425.000 tot 780.000 woningen, herstelkosten van €30.000 tot €120.000, en schade die jarenlang onzichtbaar blijft. Haar scherpste observatie gaat over de koopakte, waarin het onderwerp vaak simpelweg niet voorkomt — de olifant in de kamer.
Onder dat artikel staan twee reacties die het gesprek verder brengen dan het artikel zelf.
De eerste is van René Verlaan en bestaat uit vier woorden: "In de UK wel….." Dat klopt. Maar het onderschat de zaak, want het Verenigd Koninkrijk is niet het enige land met een regeling, en het is niet eens het verste voorbeeld — het is bovendien het enige in dit rijtje dat geen EU-lid meer is.
De tweede is van Arno Korbijn: "Ik lees veel klimaatverandering. Dat is gedeeltelijk waar. Maar veel funderingen zijn gewoon op." Hij vergelijkt het met dakpannen die na verloop van tijd vervangen moeten worden.
Dat tweede punt is inhoudelijk sterk, en het is verleidelijk om er de verkeerde conclusie aan te verbinden. Als een fundering aan het eind van zijn levensduur is, dan is de schade nóg minder "onvoorzien" — en valt hij dus nóg verder buiten wat een polis dekt. Wie het probleem als veroudering framet, versterkt het verzekeringstechnische argument om niet uit te keren.
Maar precies daarom is de vraag wie betaalt niet met techniek te beslechten. Elders is die vraag politiek beantwoord, niet actuarieel.
Waarom funderingsschade buiten de polis valt
Om te begrijpen wat andere landen anders doen, moet je eerst zien waaróm de Nederlandse polis hier niet werkt. Een opstalverzekering dekt schade door een gebeurtenis die drie eigenschappen heeft: hij is plotseling, hij is onvoorzien, en hij komt van buiten. Funderingsschade voldoet aan geen van drieën.
- Niet plotseling. Paalrot verloopt over jaren tot decennia. Zettingsverschil ook. De scheur die zichtbaar wordt is de uitkomst van een proces, niet de gebeurtenis zelf.
- Niet onvoorzien. In een veengebied met een lage grondwaterstand en een pand van vóór 1970 op houten palen is het risico juist wél voorzienbaar. Dat is de kern van wat een funderingsrisico-inschatting (voorheen funderingsrisicorapport) doet.
- Niet van buiten. Een deel van de oorzaak zit in het pand zelf: het funderingstype, de belasting, de staat van het hout.
Daar komt een verzekeringstechnisch probleem bovenop dat zwaarder weegt dan de definitie. Het risico is geografisch geconcentreerd. Wie in een risicogebied woont, heeft het bijna zeker; wie op zand woont, bijna zeker niet. Een vrije markt kan dat niet spreiden: verzekeraars zouden panden in risicogebied moeten weigeren of onbetaalbaar tariferen, en alleen eigenaren met een probleem zouden zich verzekeren.
Dat is precies het punt waarop andere landen hebben ingegrepen. Niet door de definitie te ontkennen, maar door de spreiding wettelijk af te dwingen — over een heel land in plaats van over een polisportefeuille.
Vier jaartallen vatten samen hoe verschillend die keuze uitvalt:
| Jaar | Land | Wat er gebeurde |
|---|---|---|
| 1971 | Verenigd Koninkrijk | Bodemdaling wordt standaarddekking in de opstalpolis |
| 1982 | Frankrijk | Wet op het rampenregime; later uitgebreid naar kleikrimp |
| 2021 | België | Interpretatieve wet trekt droogteschade in de brandpolis |
| 2025 | Nederland | Kabinet kiest bewust voor leningen, niet voor dekking |
De vergelijking in één tabel
Vijf vragen bepalen samen of een huiseigenaar met een gescheurde muur ergens terechtkan. Let vooral op de derde kolom: een land kan een voorbeeldige rampenpool hebben en tóch niets doen aan funderingsschade.
| Land | In de opstal-/brandpolis? | Verplicht? | Droogte- en krimpschade gedekt? | Onderzoek verplicht bij verkoop? | Publiek geld |
|---|---|---|---|---|---|
| Frankrijk | Ja, via verplichte rampenuitbreiding | Ja, op elke opstalpolis | Ja, mits de gemeente is aangewezen | Ja, grondonderzoek bij bouwgrond | Staatsherverzekering + preventiefonds |
| België | Ja, wettelijk deel van de brandpolis | Ja, voor eenvoudige risico's | Ja, sinds de wet van 2021 | Nee | Tariferingsbureau, gewestelijke rampenfondsen |
| Ver. Koninkrijk | Ja, standaard peril | Deels: markt en hypotheekeis | Ja, kleikrimp is dé schadeoorzaak | Nee, wel survey-praktijk | Geen, volledig privaat gedragen |
| Italië | Deels, aparte catastrofepolis | Deels: bedrijven, niet huishoudens | Nee, alleen aardbeving, water, aardverschuiving | Nee | Uitsluiting van subsidies als dwangmiddel |
| Spanje | Deels, toeslag op elke polis | Ja, maar voor andere gevaren | Nee, bodemzetting is uitgesloten | Nee | Consorcio de Compensación de Seguros |
| Duitsland | Deels, alleen met elementairmodule | Nee, discussie loopt al jaren | Nee, droogtekrimp valt er expliciet buiten | Nee | Ad-hoc noodfondsen na rampen |
| Nederland | Nee, uitgesloten als geleidelijke schade | Nee | Nee | Nee, alleen mededelingsplicht | Leningen, geen subsidie |
Hieronder staan de landen niet alfabetisch maar geordend naar hoever de collectieve regeling reikt. Die volgorde is het argument.
Band 1 — wettelijk verplichte dekking
Frankrijk: het verste doorontwikkelde model
Elke Franse opstalverzekering bevat verplicht de dekking voor natuurrampen. Kleikrimp — in Frankrijk bekend als retrait-gonflement des argiles, het krimpen en zwellen van kleibodems — is daarbinnen uitgegroeid tot een van de duurste posten, met ruim tien miljoen woningen in zones met matig tot hoog risico. Het schadebeeld is herkenbaar voor iedereen die hier in het veld staat: scheuren in gevels, klemmende deuren, schade die pas na een droge zomer zichtbaar wordt en daarna niet meer weggaat.
Wat het model draagt:
- Financiering. Een opslag op élke schadepolis, per 1 januari 2025 verhoogd van 12 naar 20 procent. Dat levert het stelsel ongeveer €1,5 miljard per jaar extra op. De staatsherverzekeraar CCR draagt de staart van het risico.
- Erkenning per gemeente. De dekking is níet automatisch. Er moet eerst een interministerieel besluit komen dat de gemeente in staat van natuurramp verklaart. Dat is meteen de zwakke plek: de erkenningscriteria zijn jarenlang bekritiseerd en sindsdien stapsgewijs versoepeld. Een eigenaar in een niet-erkende gemeente staat met dezelfde scheur met lege handen.
- Kwaliteit van de expertise. Sinds 1 januari 2025 bindt een decreet de schade-expertises aan eisen op het gebied van onafhankelijkheid, doorlooptijd en rapportinhoud. Dat is een erkenning van iets wat wij ook zien: bij langzame schade is de kwaliteit van het onderzoek bepalend voor de uitkomst.
- Onderzoeksplicht bij verkoop. Bij verkoop van bouwgrond in een risicozone moet sinds 1 oktober 2020 een geotechnisch vooronderzoek bij de akte. Vóór een bouwcontract volgt een tweede, uitgebreider onderzoek.
- Geld vóór de schade. In oktober 2025 startte een preventiefonds van €30 miljoen, als proef in elf departementen. Het betaalt een kwetsbaarheidsdiagnose en preventieve maatregelen — vóór het eerste scheurtje.
Die laatste twee punten zijn voor de Nederlandse discussie interessanter dan de dekking zelf. Frankrijk is het enige land in deze vergelijking waar onderzoek naar de ondergrond een wettelijke aanleiding heeft op het moment van overdracht.
België: het meest kopieerbare model
Verzekeraars die in België de tak "brand — eenvoudige risico's" aanbieden, zijn wettelijk verplicht natuurrampen mee te verzekeren, waaronder aardverschuiving of grondverzakking. Die verplichting staat er al sinds 2006 en is verankerd in de verzekeringswet van 4 april 2014.
Toch werkte hij jarenlang niet voor droogteschade, en de reden daarvoor is leerzaam. De wet eiste een beweging van een belangrijke massa van de bodemlaag. Een kleibodem die onder een woning uitdroogt en krimpt, is volgens verzekeraars geen bewegende massa. Rechters legden die definitie strikt uit, consequent in het nadeel van de bewoner. Het probleem zat dus niet in de dekkingsplicht, maar in één zinsnede.
De wetgever heeft dat doorbroken met een interpretatieve wet van 29 oktober 2021: inklinking door een langdurige periode van droogte valt er wél onder. Belangenorganisatie Assuralia en verzekeraar Allianz vroegen vernietiging van die wet. Het Grondwettelijk Hof verwierp dat beroep met arrest nr. 86/2023 van 1 juni 2023, met de redenering dat de bepaling dit altijd al zo bedoeld had.
Twee dingen maken dit tot het meest relevante precedent voor Nederland:
- "Plotseling en onvoorzien" is een polisdefinitie, geen natuurkunde. Een wetgever kan die grens verleggen naar langzame schade, en dat houdt stand bij de hoogste rechter.
- Betaalbaarheid is apart geregeld. Voor panden die de markt niet tegen normale voorwaarden wil verzekeren, stelt het Tariferingsbureau de premie vast — begrensd op 0,9 promille van het verzekerde bedrag. Zonder zo'n vangnet betekent een dekkingsplicht in de praktijk een weigerplicht.
Band 2 — marktstandaard zonder wet
Verenigd Koninkrijk
Dekking voor subsidence kwam begin jaren zeventig op de markt en werd binnen enkele jaren standaard. Niet door wetgeving, maar doordat hypotheekverstrekkers het gingen eisen. Er is geen wet die het voorschrijft; er is een markt die het niet meer kan weglaten.
Kleikrimp na hete, droge zomers is er de dominante schadeoorzaak. De hittezomer van 2022 leverde in het tweede halfjaar alleen al zo'n 18.000 claims op. De gemiddelde uitkering kwam in het eerste kwartaal van 2026 uit op £17.820 — de hoogste die de brancheorganisatie ABI ooit registreerde, 9 procent boven een jaar eerder.
Twee details verdienen aandacht, omdat ze precies gaan over wat langzame schade zo lastig maakt:
- De ABI Domestic Subsidence Agreement regelt claims die over een verzekeraarswissel heen lopen. Bij schade die zich over jaren ontwikkelt is de vraag "bij wie was u verzekerd toen het begon?" anders onbeantwoordbaar — en dus een reden om niet uit te keren.
- Marktdekking is geen gegarandeerde dekking. Verzekeraars mogen na schade de dekking beperken of intrekken. Woningen met een claimhistorie belanden bij gespecialiseerde partijen tegen hogere premies. Wie het Britse model als ideaal presenteert, moet dit erbij vertellen.
Band 3 — wel een pool, funderingsschade er structureel buiten
Spanje
Het Consorcio de Compensación de Seguros vergoedt "buitengewone risico's" uit een verplichte toeslag op vrijwel elke schadepolis: overstroming, aardbeving, tsunami, wind boven 120 km/u, vulkanisme, meteorietinslag en terrorisme. Het is een van de sterkste solidariteitsconstructies in Europa.
En bodemzetting, verzakking en grondverschuiving zijn er juist uit weggeschreven, tenzij ze samenvallen met een buitengewone overstroming. Spanje laat daarmee zien dat een rampenpool op zichzelf niets oplost: het gaat om welke gevaren erin zijn opgenomen.
Italië
De Begrotingswet 2024 verplicht bedrijven zich te verzekeren tegen aardbeving, overstroming en aardverschuiving, met invoeringsdata gespreid over 2025 — 31 maart voor grote ondernemingen, 1 oktober voor middelgrote, 31 december voor kleine en micro-ondernemingen. Het dwangmiddel is elegant: wie niet meedoet, verliest toegang tot subsidies en overheidssteun. Geen boete, wel een prikkel die aankomt.
Huishoudens vallen er echter buiten, en langzame bodemdaling staat niet in de opsomming van gedekte gevaren. Voor het funderingsvraagstuk is Italië dus vooral interessant vanwege de methode, niet vanwege de dekking.
Band 4 — geen collectieve regeling
Duitsland: dichtst bij de Nederlandse situatie
De Duitse basis-opstalverzekering dekt geen bodemdaling. Dat kan alleen via de vrijwillige elementairdekking, en zelfs dán geldt de dekking uitsluitend voor natuurlijke bodemdaling. Zetting van aangevuld materiaal en krimp van een uitdrogende kleibodem vallen er in de rechtspraak expliciet buiten. Een verplichte elementairdekking wordt al jaren besproken maar is niet ingevoerd; een aanzienlijk deel van de woningvoorraad heeft de module niet eens.
Duitsland is daarmee het spiegelbeeld van België: dezelfde discussie, dezelfde definitiekwestie, maar zonder wetgever die knoopt doorhakt.
Nederland: wel het probleem, niet het instrument
Bij ons ontbreken alle vier de instrumenten. Geen dekking, geen dekkingsplicht, geen onderzoeksplicht bij overdracht, geen preventiefonds. De koper is aangewezen op de mededelingsplicht van de verkoper en zijn eigen onderzoeksplicht — precies de constructie waarin het onderwerp uit de koopakte verdwijnt.
De meerjarenaanpak die het kabinet op 4 juli 2025 naar de Tweede Kamer stuurde, kiest daar bewust niet voor. Geen subsidie op funderingsherstel, wel leningen. Het Fonds Duurzaam Funderingsherstel is sinds 1 juli 2025 landelijk beschikbaar voor eigenaren die geen marktfinanciering krijgen, met €20 miljoen extra in 2026 en €56 miljoen cumulatief voor de periode 2025–2028.
Zet dat naast de opgave. Bij 425.000 panden en een bandbreedte van €30.000 tot €120.000 per woning loopt het herstel in de tientallen miljarden. Het fonds is dan ook geen schaderegeling maar een financieringsinstrument: het verandert niet of je betaalt, alleen wanneer.
Wat Europa wél regelt — en wat niet
Er is geen EU-regel die bepaalt wie funderingsschade betaalt, en die komt er op korte termijn ook niet. Verzekeringscontractenrecht en rampenvergoeding zijn nationale bevoegdheden. Wat er wel ligt, raakt de randen:
- EIOPA en de ECB hebben samen een voorstel gedaan voor een Europees systeem voor natuurrampenrisico: een publiek-private EU-herverzekeringspool plus een EU-rampenfonds. Aanleiding is de beschermingskloof — uit de EIOPA-Eurobarometer van 2025 blijkt dat slechts 17 procent van de respondenten dekking heeft voor schade aan eigendom door natuurrampen. Droogtegedreven bodemdaling is in die stukken geen apart gevaar; het gaat over overstroming, storm, aardbeving en bosbrand.
- De bodemrichtlijn (Richtlijn (EU) 2025/2360 over bodemmonitoring en -weerbaarheid) is sinds 16 december 2025 in werking. Die verplicht lidstaten bodemgezondheid te meten via gemeenschappelijke descriptoren, onder meer textuur, verdichting, verzilting en organische stof. Dat gaat over bodemkwaliteit, niet over schade aan gebouwen of aansprakelijkheid — maar het schept wel een meetverplichting waarin bodemdalingsdata logisch past.
- Eurocode 7 (NEN-EN 1997) is het enige stuk waar Europa funderingen echt normeert: hoe je ontwerpt, niet wie de schade draagt.
Kortom: Europa normeert de techniek en meet de bodem. De rekening blijft nationaal.
Vier knoppen die elders bestaan en hier niet
Als je de zeven landen naast elkaar legt, blijven er vier instrumenten over. Ze zijn los van elkaar in te zetten, en geen enkel land heeft ze alle vier.
1. De definitie in de wet zetten. België heeft met één interpretatieve wet de grens verlegd van plotselinge naar langzame schade, en dat hield stand bij het Grondwettelijk Hof. Dit is de goedkoopste knop: hij kost geen begrotingsgeld en verlegt alleen wie het risico draagt.
2. Dekkingsplicht met poolfinanciering. Frankrijk en België verplichten de dekking en dekken de staart af met een opslag op alle polissen plus staatsherverzekering. Een risico dat per polis niet te spreiden is, is wél te spreiden over een land. Zonder een tariferingsvangnet, zoals het Belgische, wordt een dekkingsplicht in de praktijk een weigergrond.
3. Onderzoeksplicht bij overdracht. Alleen Frankrijk verplicht een geotechnisch vooronderzoek bij verkoop in risicogebied. Dit is de knop die het informatieprobleem raakt in plaats van het geldprobleem: hij maakt de olifant in de koopakte zichtbaar op het enige moment dat iedereen aan tafel zit.
4. Geld vóór de schade. Het Franse preventiefonds betaalt diagnose en maatregelen voordat er schade is. Nederland financiert pas ná de schade, en dan met een lening — het duurste moment op de curve.
Wat dit betekent voor de Nederlandse praktijk
Zolang die vier knoppen niet zijn ingedrukt, verschuift de last naar de plek waar hij nu ligt: bij de partijen die per pand moeten vaststellen wat er aan de hand is. Dat heeft concrete gevolgen.
Voor makelaars en taxateurs. Nederland heeft geen Frans grondonderzoek bij de akte, dus is de beroepsmatige navraag het enige moment waarop het onderwerp aan bod komt. Vraag bij een pand van vóór 1970 in veen- of kleigebied standaard naar funderingsonderzoek en herstelhistorie. Zie Funderingsrisico's bij aan- en verkoop voor hoe dat in het NHG/NRVT-proces past.
Voor financiers. In Frankrijk en België is een aangetaste fundering een verzekerd voorval; hier is het een openstaande verplichting op het onderpand. Dat verschil hoort in het acceptatiebeleid te staan. Een funderingsrisico-inschatting is een inschatting en geen oordeel over het pand — reden om door te vragen, niet om af te wijzen.
Voor gemeenten en corporaties. Waar het collectief niet via de premie loopt, loopt het via de gebiedsaanpak. Een bouwblok waarin één pand achterblijft, trekt de rest mee naar beneden; dat is precies de coördinatie die een Franse gemeenteverklaring wél organiseert en hier per straat moet worden geregeld.
Voor eigenaren die schrikken van het nieuws. Begin klein en hou de volgorde aan. Een verkennend funderingsonderzoek (voorheen QuickScan / Fase 0-onderzoek) bevestigt of ontkracht het risico met beperkte metingen op locatie; pas daarna is uitgebreid funderingsonderzoek (voorheen Fase 1- en 2-onderzoek) aan de orde. Wil je eerst weten wat herstel ongeveer kost, dan geeft de herstelkostencalculator op adresniveau een onderbouwd bedrag.
En bij herstel: leg het vast. Dit is het punt waarop het ontbreken van een verzekeraar het hardst aankomt. In een land met dekking houdt de verzekeraar het dossier bij; hier verdampt het bewijs bij de volgende eigenaarswissel als niemand het registreert. Registratie in het Nationaal Funderingsherstel Register is dan het enige wat overblijft — en het is ook de enige manier waarop het herstel bij een toekomstige taxatie nog waarde heeft.
Wat hier nog niet hard is
Bij een vergelijking over landsgrenzen heen hoort een eerlijke opsomming van wat er niet is uitgezocht:
- Deze vergelijking dekt zeven landen. Denemarken, Zweden, Polen, Tsjechië en Ierland zijn niet onderzocht; de Deense stormvloedpool is het nakijken waard.
- Of bodemdaling of zetting als expliciete descriptor in de bodemrichtlijn staat, is niet bevestigd. Bevestigd zijn textuur, verdichting, verzilting en organische stof.
- De Belgische dekkingsplicht geldt voor "eenvoudige risico's". Waar precies de grens ligt voor grotere gebouwen en VvE-complexen is niet uitgezocht.
- Het Franse regime keert alleen uit na een erkenningsbesluit per gemeente. Het afwijzingspercentage per droogtejaar is hier niet meegenomen en bepaalt in de praktijk hoeveel de dekking waard is.
- De bandbreedte van €30.000 tot €120.000 per woning is een marktindicatie, geen genormeerde raming.
Peildatum van dit overzicht is 31 augustus 2026. Het is geen juridisch advies: controleer de primaire teksten voordat je je op een buitenlandse regeling beroept.
Tot slot
De discussie in Nederland gaat bijna altijd over de omvang van het probleem — 425.000 panden, 780.000 in 2050, tientallen miljarden. Die cijfers zijn niet in geschil en ze veranderen ook niets aan wie de rekening krijgt.
De landenvergelijking laat zien dat die verdeling nergens uit de techniek volgt. België had dezelfde definitie als wij en heeft die met één wet verlegd. Frankrijk had hetzelfde kleiprobleem en heeft het in het rampenregime gezet. Het Verenigd Koninkrijk had geen wet nodig omdat de hypotheekverstrekkers de dekking afdwongen.
In alle drie de gevallen is er iets gebeurd dat losstond van de bodem: iemand besloot dat dit risico niet bij de individuele eigenaar hoort te liggen. Zolang dat besluit hier niet valt, blijft de last liggen bij de partijen die per pand moeten vaststellen wat er aan de hand is — en is de kwaliteit van dat onderzoek, en van de registratie erna, het enige wat een eigenaar beschermt.
Bronnen
- Funderingsproblematiek: het klimaatrisico dat je niet ziet, Marjolein de Jong-Knol (ING), LinkedIn. https://www.linkedin.com/pulse/funderingsproblematiek-het-klimaatrisico-dat-je-niet-uoxgf/
- Rijksoverheid, Kabinet van start met meerjarenaanpak voor funderingsproblematiek, 4 juli 2025. https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2025/07/04/kabinet-van-start-met-meerjarenaanpak-voor-funderingsproblematiek
- NPLW, Fonds Duurzaam Funderingsherstel nu landelijk beschikbaar. https://www.nplw.nl/nieuws/fonds-duurzaam-funderingsherstel-nu-landelijk-beschikbaar
- FOD Economie (België), Brandverzekering en natuurrampen — eenvoudige risico's. https://economie.fgov.be/nl/themas/financiele-diensten/verzekeringen/brandverzekering-en
- Grondwettelijk Hof (België), arrest nr. 86/2023 van 1 juni 2023, rolnummers 7760 en 7808. https://etaamb.openjustice.be/nl/arrest_n2023042869
- Schoups, Verplichte verzekering voor schade door verzakking als gevolg van uitdroging van de grond: het Grondwettelijk Hof verwerpt de vordering van de verzekeraars. https://schoups.be/nl/news_items/verplichte-verzekering-voor-schade-door-verzakking-als-gevolg-van-uitdroging-van-de-grond-het-grondwettelijk-hof-verwerpt-de-vordering-van-de-verzekeraars
- economie.gouv.fr, Catastrophe naturelle : comment fonctionnent les indemnisations ?. https://www.economie.gouv.fr/particuliers/gerer-mon-argent/emprunter-et-sassurer/catastrophe-naturelle-comment-fonctionnent-les-indemnisations
- budget.gouv.fr, Garantir la soutenabilité du régime des catastrophes naturelles (opslag van 12 naar 20 procent per 1 januari 2025). https://www.budget.gouv.fr/reperes/gestion_publique/articles/soutenabilite-regime-cat-nat
- Sénat (Frankrijk), rapport over het régime d'indemnisation des catastrophes naturelles. https://www.senat.fr/rap/r23-603/r23-6033.html
- Village de la Justice, Étude géotechnique obligatoire face au risque de retrait-gonflement des argiles (loi ELAN art. 68). https://www.village-justice.com/articles/etude-geotechnique-obligatoire-face-risque-retrait-gonflement-des-argiles-etude,54849.html
- Maire-Info, Retrait-gonflement des argiles : un décret encadre davantage les expertises assurantielles. https://www.maire-info.com/catastrophes/retrait-gonflement-des-argiles-un-decret-encadre-davantage-les-expertises-assurantielles-article-29224
- Financial Ombudsman Service (VK), Subsidence and other types of ground movement. https://financial-ombudsman.org.uk/PUBLICATIONS/technical_notes/building-subsidence.htm
- UK Parliament, written evidence over subsidence en klimaat. https://committees.parliament.uk/writtenevidence/153255/html/
- Verivox, Sind Erdsenkungen über die Wohngebäudeversicherung mitversichert?. https://www.verivox.de/wohngebaeudeversicherung/ratgeber/sind-erdsenkungen-ueber-die-wohngebaeudeversicherung-mitversichert-1117874/
- MIMIT (Italië), Polizze per rischi catastrofali (Cat Nat). https://www.mimit.gov.it/it/mercato-e-consumatori/tutela-del-consumatore/assicurazioni/polizze-per-rischi-catastrofali
- BOE (Spanje), Real Decreto 300/2004, Reglamento del seguro de riesgos extraordinarios. https://www.boe.es/buscar/act.php?id=BOE-A-2004-3373
- EIOPA en ECB, Towards a European system for natural catastrophe risk management. https://www.eiopa.europa.eu/publications/eiopa-and-ecb-joint-paper-towards-european-system-natural-catastrophe-risk-management_en
- EUR-Lex, Richtlijn (EU) 2025/2360 (bodemmonitoring en -weerbaarheid). https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/HTML/?uri=CELEX:32025L2360